eBooks Blogs en gedichten Foto-albums Links Email en socials






Blogs en gedichten


Alle blogs en gedichten die ik schrijf, verzamel ik in dit google docs document. Daar kun je dus alle nieuwe spul terugvinden. Het oude spul staat in het archief
Mijn meest recente schrijfsel staat hieronder:


60 kilo minder is geen kattenpis.

12 april 2024


links een foto van toen ik dik was, rechts een foto van nu Vroeger, zo’n tweeëneenhalf jaar geleden nog, was ik dik. Mensen die mij al wat langer kennen weten dat heel goed. Ik ben zelfs eigenlijk altijd al dik geweest, ook als kind al. Op school heb ik het allemaal gehoord van mijn pestkoppen: olifant, nijlpaard, noem maar op. Het liefste zou ik dun zijn, maar ik wist niet hoe dat moest.

En schaamde me ook wel. Tenslotte, zo dacht ik, omdat ik dik was, was ik vast lui, en ongedisciplineerd, en zo. Ieder pondje gaat door het mondje, niet waar? Dus als ik niet dun kon zijn, was er vast op de een of andere manier iets stuk in mijn hoofd waardoor ik het niet waard was om moeite voor te doen.

Zo dacht ik.

Maar hoe ouder ik werd, hoe meer ik begon te beseffen dat ik helemaal niet zo wou denken. Ik wou blij zijn met mezelf, trots zijn op mezelf (oei, trots, een van de zeven hoofdzonden! Mag niet! Foei!), en ik wou vinden dat ik het waard was om moeite voor te doen. Maar gewoonten veranderen is moeilijk en een manier van over jezelf denken is natuurlijk net zo goed een gewoonte.

Dus hoe verander je dat dan?

Gelukkig kwam “de moderne tijd”, zogezegd, mij te hulp. Op het grote boze internet begon ik steeds meer tegen te komen over multidisciplinaire aanpak, en maagverkleiningen, en het belang van psychologische hulp, en meer van zulke dingen. Uiteindelijk heb ik de knoop toen doorgehakt, ben ik naar de praktijkondersteuner GGZ gegaan van mijn huisarts en ben ik toen doorverwezen naar een diëtist/psycholoog die gespecialiseerd is in eetstoornissen.

Van haar heb ik geleerd dat ik een emotie-eter ben: ik heb ergens gedurende mijn leven geleerd dat je emoties kunt verdoven door ze “weg te eten”. Net zoals alcoholverslaafden drinken om weg te lopen voor hun emoties, zo legde ze uit.

Maar wat je ooit hebt aangeleerd, kun je ook weer afleren, want hersens zijn flexibel.

Je moet alleen wel een flink beetje koppig doorzetten, want het is een weg van heel veel vallen en opstaan om anders over jezelf te leren denken en anders met je emoties te leren omgaan. Om überhaupt met je emoties te leren omgaan, in plaats van ze te verstoppen.

En het resultaat is dat ik inderdaad heb geleerd om mijn emoties te voelen. Niet meer voor weglopen. Het blijkt bij mij het beste te werken als ik me concentreer op hoe het fysiek voelt. Hoe voelt mijn huid, mijn borstkas, mijn maag. Zeg maar een soort van objectieve wetenschappelijke observatie van hoe het voelt. Het hielp daarbij wel enorm dat ik een aantal jaar geleden begonnen ben met zen-meditatie.

Het maakt veel uit. De negatieve emoties zoals bijvoorbeeld woede, frustratie en verdriet zijn minder intens omdat ik ze niet meer onderdruk, en ze dus geen kans meer krijgen om te “woekeren” als haagwinde in een tuin. De positieve emoties voelen op een of andere manier veel sterker. Of misschien ben ik me er veel meer van bewust. Blijdschap, geluk, tevredenheid. En trots. Trots op mezelf. Mezelf de moeite waard vinden.

Ik heb het geleerd! En het voelt zo fantastisch goed dat ik dat gevoel iedereen toewens. Alle acht miljard mensen op deze wereld moeten zichzelf zo kunnen voelen.

Liefs,
Ingrid.